Fluisterverhalen             

Kleine Sam is dood en dat is wel even wennen, voor mij tenminste wel.

Het leek eerst alsof Moira het kleine soortgenootje nauwelijks miste totdat...

 

...ik op een mooie dag tijdens de middagwandeling een ons bekend hondenbaasje met haar twee even bekende oude Jack Russells tegenkwam. Ze waren van dezelfde leeftijd als kleine Sam en vanuit de verte zag ik al dat het ene oude beestje een beetje achterbleef en warrig langs de beek stond, niet meer wetende of ie nou voor- of achteruit moest.

Zijn vrouwtje kwam hem al snel halen, ze tilde hem op en toen ze hem achter op haar fiets in een soort theemuts op de bagagedrager ritste, vloog Moira erop af en sprong zo enthousiast om deze fiets heen, dat het leek alsof ze de energie van kleine Sam herkende en voor heel even haar kameraadje teruggevonden had.

Daarna was het voor Moira ook weer klaar, het was een momentopname, terwijl ik het gemis van het eigengereide beestje nog wel wat langer en ook lijfelijk voelde.

Want opnieuw bemerkte ik dat het afscheid van een viervoeter zo heel verschillend kan zijn en in mijn beleving hangt dit af van de band die je met het dier hebt gehad.

Als het een stoffelijke band is geweest, dan voelt het net alsof er een poosje een stukje uit je lijf mist, terwijl wanneer er sprake was van een zilveren band, er geen lichamelijk gemis, maar meer een contemplatief naar binnen keren is. 

Welnu, vijf jaar geleden kwam kleine Sam bij Moira en mij wonen omdat er in het gezin van mijn zoon een kindje was met een allergie.

Dus ik was bepaald geen onbekende voor haar en verhuizen uit de situatie waar ze elke dag een poos alleen was naar een leventje bij oma en Moira die heel veel thuis zijn, dat vond ze gelukkig geen grote straf.

Wel miste ze de kindjes heel erg en als we gingen wandelen moest elke kinderwagen of wandelwagen dan ook uitgebreid besnuffeld worden. Ook de buurkindjes werden hartstochtelijk begroet en afgelikt als ze er de kans voor kreeg.

Verder was Sam al ruim acht jaar toen ze kwam en kon ze de rust van ons huishouden ook wel waarderen. Ook het gezelschap van Moira vond ze heel prettig, want dat gaf haar vooral buiten een veilig gevoel.

Ging Moira ergens op af, dan wachtte Sam altijd achter mijn benen even af of het wel goed zou gaan en zo ja dan racete ze er achteraan.

Ze droeg een forse naam en misschien heeft dat ook nog wel invloed gehad op haar gedrag, want zoals een echte Jack Russell , grote hond in kleine jas, blaakte ze van zelfvertrouwen en nam ze met gemak haar ruimte in, wat haar ook veel aandacht en aaitjes van Jan en alleman opleverde. Maar mijn persoontje vond haar soms behoorlijk aan de eigenwijze kant en dat leverde weleens strubbelingen en irritaties op wanneer de deurbel ging, ze niet ophield met blaffen en dan van mij een tik op de neus kreeg.

Ook Moira vond waarschijnlijk dat ze af en toe net iets te zelfzeker rondsprong, want Sam kreeg tweemaal een fikse terechtwijzing van haar, waar bij de eerste keer zelfs de dierenarts nog aan te pas moest komen.

Maar verder was het echt een scheetje en vormden ze samen een enig span: Sam adoreerde Moira en Moira op haar beurt tolereerde Sam.

We hebben heel wat kilometertjes gewandeld met zijn drietjes, op het laatst ook vaak de fiets erbij genomen waarbij Sam, die ik ondertussen Sammie, soms zelfs Samantha noemde, in de fietstas zetelde. Dat leverde haar onderweg nogmaals vele liefdesbetuigingen en aaitjes over haar koppie dat uit de tas stak op, maar dat kon ze niet van iedereen waarderen. 

Dus moest ik toch bij zowel mens als dier een beetje in de gaten houden van wie mag nou wel en wie niet. Zo was ze een beetje bang voor de grote, onbesuisde  handen van Jonno die bij de gemeente werkt en die we dan ook vaak ontmoetten en voor herders die te dicht langs kwamen.

En nee, ze sprong er niet uit, ze zat heerlijk op haar kussentjes, en hoewel ik haar in het begin vastzette met een riempje onder het zadel was dat al snel niet meer nodig, want ze voelde zich veilig en wist: dit is mijn reisplek!

Toen werd ze ziek en we gingen naar de dierenarts waar bleek dat ze keelontsteking had en een kuurtje kreeg. Ook Moira werd ziek en samen hebben ze drie kuren doorgewerkt, ze knapten er geen van beiden echt van op, maar Sammie bleef er toch wat zieker van, ging slecht eten en werd magertjes.

Dus maar weer terug naar de dierenarts die voorstelde om dan nu wat verder onderzoek te gaan doen, het kon ook immers zijn dat er iets in de slokdarm vastzat.

Maar uiteindelijk bleek dat daar een tumor zat en dat deze al best groot was, weghalen was maar een zeer tijdelijke oplossing en toen heb ik maar besloten om haar in te laten slapen. Het was wel even schrikken voor mij en ik ben eerst een wandeling gaan maken om weer rustig te worden zodat ik het hondje goed zou kunnen begeleiden tijdens de overstap. Toen ik bij de kliniek kwam was Sam nog een beetje groggy van het onderzoek en ze heeft in mijn armen, waar ze zich helemaal veilig voelde, de laatste prikjes gekregen, is heel rustig gaan slapen en uit haar zieke jasje gestapt.

Op mijn beurt kon ik dit zo vertrouwde, maar nu lege omhulseltje bij de kliniek achterlaten, waar de dierenambulance het heeft opgehaald en de verdere afwikkeling heeft verzorgd.

Omdat honden nog wel eens naar de baas teruggaan, heb ik haar mand en bench nog een poosje laten staan, ook had ik soms het idee dat ze nog een klein stukje met Moira en mij meewandelde.

Na een tijdje heb ik haar naar het hondenstrand uit mijn droom gestuurd, waar ze weer lekker zonder pijn en narigheid met de andere honden kon gaan spelen.

Deze droom had ik gekregen een tijdje voordat mijn vroegere Foks hondje Jannes ziek werd en vond ik zo troostrijk dat ik hem ook aan anderen heb verteld:

 

In mijn droom kijk ik naar Jannes die helemaal opgerold op een zonnig geel strand in een holletje in het zachte, warme zand ligt te slapen.

Op dit strand zie ik honden in alle soorten en maten en ze zijn druk aan het stoeien, spelen of duiken het water van de zee in.

Dan wordt mijn slapende hondje wakker, zijn koppie gaat omhoog en hij kijkt een beetje verdwaasd in het rond, alsof hij zich afvraagt: ‘waar ben ik eigenlijk?’

Er komt beweging in zijn lijfje en hij probeert omhoog te komen, heel voorzichtig gaat hij op zijn pootjes staan, waarna hij eerst de voorpootjes strekt en zich eens lekker uitrekt en daarna hetzelfde met de achterpootjes doet.

De sfeer die ik hierbij ervaar is dat het dier zich verbaast dat het allemaal zo lekker soepel gaat.

Hij kijkt om zich heen, ziet een groepje honden voorbijrennen en zonder een moment te aarzelen gaat hij met een vaart achter ze aan en rent zo mijn droom uit.

 

Toen wist ik dat het weldra tijd zou zijn om hem te laten gaan en deze droom heeft mij enorm geholpen en getroost.

Ook de kleinkinderen vertellen dit verhaal waar nodig is, verder en toen kleine Sam er niet meer was hebben wij tegen elkaar gezegd: ‘nou kan ze fijn met Jannes spelen op het mooie hondenstrand.’ Maar het was natuurlijk niet alleen mijn hondje en we hebben voor een poosje een gedenkhoekje gemaakt waar de kinderen hun gedichtjes en tekeningen konden neerleggen.

 

 

Hieronder mag ik het gedicht van Mirre plaatsen die als oudste van de kinderen, Sam het langst heeft meegemaakt en er ook de meeste moeite mee had dat ze ging verhuizen, al was het dan gelukkig wel naar Oma Anne.

 

 

 

 Voor iedereen die om Sam gaf:

 

Lieve Sam

als we je roepen kwam je nog steeds

naar papa luisterde jij het meest

je zat toen je jong was bij ons op het kleed

zonder dat je beet

we konden heel veel met je doen

want wij en jij hadden fatsoen

met jou buiten lekker rennen

of op buslo zwemmen

sommige honden stonden jou niet aan

dan moesten ze ook gauw uit je buurt gaan

als we bij je op bezoek kwamen

waren we blij samen

jij hielp ons door makkelijke en moeilijke jaren

waar wij erg gelukkig en blij mee waren

als we op bezoek kwamen sprong jij op ons af

dat zal nu niet meer zijn wat maf

91 hondenjaren is best oud

maar al die jaren waren van goud

jij was ons allerlaatste dier

nu hebben jullie in de dierenhemel weer met z’n alle plezier

het liedje van jou is nu uit

maar we zullen het bewaren als een kostbare buit

 

XXX mirre